Meer leren over incontinentie
Deze artikelen over ongewenst urineverlies, bedplassen en continentiezorg zijn voor u beschikbaar of u nu een man, vrouw, verzorgende, familielid of zorgverlener bent.
Blaastraining is een zelfhulpmethode die je helpt de controle over de blaas te vergroten door de urinefrequentie te verminderen. De methode omvat het vergroten van het bewustzijn van incontinentiepatronen en het ontwikkelen van nieuwe gewoonten om de blaas te legen en beheersen. Samen met andere methoden, waaronder Kegel- of bekkenbodemoefeningen en gedragsverandering, kan blaastraining een effectieve manier zijn om de symptomen van blaasproblemen zoals , een en stressincontinentie beter beheersbaar te maken.
Blaastraining is vooral een aanpassing in gedrag. Zoals het vermijden van een bezoekje aan het toilet ‘voor het geval dat’, maar ook het op het laatste moment naar het toilet gaan. Tijdens de training wordt de blaas geleidelijk gedwongen om steeds grotere hoeveelheden urine vast te houden naarmate je de tijd tussen toiletbezoeken vergroot. Technieken die je kunt gebruiken om dit te laten werken zijn onder andere jezelf afleiden en de bekkenbodemspieren samen te knijpen in plaats van onmiddellijk naar het toilet te rennen wanneer je drang voelt.
Blaastraining is bewezen effectief, maar vergt wel tijd en inspanning. Om het effectief te laten zijn, moet je op een nieuwe manier leren denken en proberen het gevoel dat je naar het toilet moet zo lang mogelijk te negeren. Lukt dit, dan zul je merken dat je de controle over de blaas terugkrijgt en dat die minder prikkelbaar zal worden.
Naarmate je je prettiger voelt bij het onderdrukken van de dranggevoelens, verhoog je geleidelijk, gedurende een periode van weken en maanden, de hoeveelheid tijd tussen toiletbezoeken. We raden aan een blaasdagboek bij te houden waarin je de frequentie van je toiletbezoek kunt noteren, de tijd dat je dranggevoelens negeerde, en je vochtinname – daarmee bedoelen we wat en wanneer je drinkt. Dit geeft je een overzicht van je blaasgewoonten en helpt je om een nauwkeurig schema te maken, zoals hieronder beschreven.
Voor zover dit mogelijk is en op basis van de gegevens in je blaasdagboek, kun je heel precies zien hoe vaak je naar het toilet gaat. Aan de hand daarvan kun je een korte tijdsperiode aan deze tijden toevoegen – misschien 15 minuten – om je blaas te trainen om te wachten. Door zo nauwkeurig te zijn en je aan het schema te houden, zul je zien dat je meer controle krijgt over je blaas.
Gedragsverandering betekent simpel gezegd dat iemand de dagelijkse gewoontes aanpast om ongewenst urineverlies te verminderen of te voorkomen. Denk bijvoorbeeld aan het opstellen van een vast plannetje voor toiletbezoek of het aanpassen van het drinkgedrag: niet te veel, maar ook niet te weinig drinken, en liever geen koffie of energiedrankjes die de blaas kunnen prikkelen. Ook gewicht verliezen kan helpen, want overgewicht verhoogt soms het risico op urineverlies. Verder kan het nuttig zijn om te werken aan gezonde toiletgewoonten – zoals niet te lang ophouden of net te vaak gaan – om de controle over de blaas te verbeteren.
Bekkenbodemoefeningen omvatten het versterken van de ondersteunende spieren rond de urinebuis en de blaas door repetitieve vrijwillige samentrekkingen te doen. Deze oefeningen bouwen kracht op in de ondersteunende spieren rond de urinebuis en de blaas, die strak moeten blijven om urineverlies te voorkomen. Veel mensen gebruiken ook pilatesoefeningen als onderdeel van een incontinentiebehandeling.
Voordat je je bekkenbodem gaat trainen, moet je eerst voelen waar ze zitten en hoe je ze aanspant. Om dat te voelen, beeld je je in dat je tijdens het plassen de urinestroom onderbreekt of vertraagt. De spieren die je dan gebruikt zijn je bekkenbodemspieren. Doe dit wel niet terwijl je aan het plassen bent. Dat is niet goed voor je blaas.
Een goede bekkenbodemoefening is de volgende:
Naast het trainen van de blaas via gedragswijziging en bekkenbodemoefeningen zijn er nog een paar andere behandelingsmogelijkheden. Met biofeedback wordt informatie verzameld en geanalyseerd door bijvoorbeeld tijdens de training van de bekkenbodem, sensoren en computers te gebruiken om te zien of de juiste spieren samentrekken. Een andere benadering is een apparaat gebruiken dat vaginale ondersteuning biedt. Dit apparaat ondersteunt de urinebuis, de blaas, de vagina, de baarmoeder en het rectum. Andere mogelijke behandelmethoden zijn het injecteren van vulstoffen rond de urinebuis voor extra ondersteuning. Er zijn ook verschillende chirurgische opties.
Het kan zijn dat je extra zekerheid wilt tegen urineverlies tijdens je blaastraining. TENA biedt een volledig assortiment effectieve, comfortabele en discrete producten voor mannen en vrouwen. Die zullen je helpen bij het omgaan met eventueel urineverlies, wat gemoedsrust geeft tijdens je blaastraining.
Mantelzorg
Deze artikelen over ongewenst urineverlies, bedplassen en continentiezorg zijn voor u beschikbaar of u nu een man, vrouw, verzorgende, familielid of zorgverlener bent.