Over incontinentie
U vindt hier informatie over enkele belangrijke zaken die met incontinentie te maken hebben.
U kunt ook naar Vormen en oorzaken van incontinentie gaan voor meer informatie en naar Optimale zorg voor nuttige tips over de zorgverlening en de behandeling van patiënten.
Als u nog meer of specifieke informatie zoekt die niet op deze website vermeld is, neem dan gerust contact met ons op. Wij helpen u graag verder.
Incontinentie
De anatomie van incontinentie
Urine-incontinentie is een probleem van het urinewegstelsel, dat uit 2 nieren bestaat die beide via een ureter of urineleider verbonden zijn met de blaas. De blaas heeft één uitgang, de urethra, die de urine uit het lichaam voert.
De nieren verwijderen de afvalstoffen uit het bloed en produceren urine. De urineleiders voeren de urine van de nieren naar de blaas, waar de urine wordt opgeslagen totdat deze uit het lichaam wordt afgevoerd via de urethra. Een kringspier of sfincter controleert de activiteit van de urethra.
In normale omstandigheden blijft de urine in de blaas totdat er gelegenheid is om te urineren, maar bij incontinentie functioneert een deel van het urinewegstelsel niet naar behoren.
Wat is incontinentie?
Incontinentie houdt in dat er een onvrijwillig controleverlies is over de blaas of darm. Het is dus een symptoom en geen op zichzelf staande aandoening. Er zijn veel verschillende aandoeningen en stoornissen die incontinentie veroorzaken, waaronder aangeboren afwijkingen, de gevolgen van een operatieve ingreep, zenuwbeschadigingen en infecties en veranderingen ten gevolge van ouderdom. Het kan ook een gevolg zijn van zwangerschap of bevalling.
Incontinentie komt voor bij kinderen, mannen en vrouwen van alle leeftijden. 1 Op de 4 vrouwen en 1 op de 8 mannen krijgen er in hun leven mee te maken.
De mate van deze aandoening varieert eveneens– bij urine-incontinentie, van af en toe kleine druppeltjes tot incidenteel verlies van de controle over de blaas of een totaal onvermogen om de urine op te houden.
Lees hier meer over de verschillende vormen, oorzaken en behandelingen van incontinentie.
Incontinentie en ouder worden
Ouder worden betekent dat er een aantal veranderingen plaatsvinden in het urinewegstelsel die incontinentie kunnen veroorzaken:
- Een minder elastische blaas, leidt tot minder capaciteit en frequentere urinelozing
- Het urinevolume is hoger en de nieren zijn minder goed in staat om de urine te concentreren
- Een verzwakte blaasspier leidt tot onvolledige lediging van de blaas
- Toename van spontane samentrekkingen van de blaasspier
- Minder in staat om het plassen uit te stellen
- Minder druk op de afsluiting van de urethra
Hoewel veel oudere mannen en vrouwen hier mee te maken hebben, moet urine-incontinentie niet gezien worden als een normale ontwikkeling in het verouderingsproces. Het is een stoornis in het lichamelijke of psychische proces van urine-opslag en blaaslediging. Dit kan vaak worden behandeld.
Professionele zorgverlening kan veel patiënten en hun familieleden helpen de aandoening met succes aan te pakken. Discrete en effectieve incontinentiematerialen kunnen voor een groot deel de negatieve effecten voorkomen en ervoor zorgen dat de patiënt weer een normaal leven kan leiden.
Het belang van continent blijven
Niet alleen fysieke oorzaken kunnen ten grondslag liggen aan incontinentie. Ook andere factoren kunnen meespelen, zoals verlies van mobiliteit, verminderde handfunctie of dementie. Moeilijk het toilet kunnen bereiken of niet kunnen aangeven dat men naar het toilet moet, kunnen redenen zijn voor functionele incontinentie en dus reden zijn voor zogenoemde continentiezorg.
Verzorgers kunnen naast een goede productkeuze ook hun werkwijze aanpassen om ervoor te zorgen dat de gevolgen van incontinentie tot een minimum beperkt worden. Door simpele omgevingsfactoren te veranderen, door beter te communiceren of de mobiliteit van de persoon te verbeteren kan de incontinentie worden verholpen. De gezondheid en de kwaliteit van leven kan door een goede aanpak van functionele incontinentie worden gewaarborgd. En vaak kan de patiënt dat zelf, nadat hij geleerd heeft hoe het werkt.
Klik hier voor meer informatie en tips over optimale zorg.